BIJ DE BRON
Daar kwam je, JADE TRIENEKENS,
Kaatsruwe 5, op zondag 26 mei 12.15 uur naar onze St. Jozefkerk; en je smetteloos witte jurk annex hoofdtooi betuigden stralend waarom: je zou door het doopsel worden opgenomen onder de kinderen van het Licht.
Allereerst ontving je, als signaal van welkom, het teken van het kruis op je onbewolkte voorhoofd. Onder al die verschillende duimen bleef je volkomen in vrede. Zo ook tijdens het evangelie dat je op mijn arm met geloken ogen aanhoorde. ‘Zien soms even’ dat bleef jouw devies tijdens alle woorden en tekenen die je doopviering tot een betekening van het Leven maakten: de eerste zalving + handoplegging (bescherming en mobilisering tegen alle kwaad), het gezegende water dat als dauw van Gods genade over je bolletje liep; de zalving met chrisma en de zegening van je zintuigen; het ontsteken van je doopkaars aan de Paaskaars: het licht van jouw leven dat als een lopend vuurtje van hand tot hand ging; en, tot slot, het moment aan Maria’s voet waarnaartoe je peetoom Daniël jouw levenslicht met vaste hand droeg, en waar je peettante Esther met al even vaste hand jou de St. Jozefmedaille opspeldde. Proficiat, Jade, met dit zinrijke begin, en met de familiale warmte die je omgeeft!
 
HEER HERINNER U DE NAAM VAN
TONIE LOGJES, 79 jaar
Wie zal een mens ooit ten diepste peilen?
Je was iemand van contrasten: enerzijds voelde je je thuis bij jezelf en sloeg je je zeer zelfstandig door het leven. Als boekhoudster betoonde je je een perfectioniste, was je een legende bij de belastingdienst. Eveneens tot in de puntjes gesoigneerd trad je de buitenwereld tegemoet.
Anderzijds had je ook graag mensen om je heen: genoot je van familiebezoek, kon je eindeloos klasjeneren. Maar je liet niets van je wezen zien. Emoties hield je af.
Behalve in de laatste fase van je leven: toen ziekte en ouderdom je steeds meer in hun greep kregen. Je behield wèl je eigenzinnigheid, maar de muur rond je hart werd geslecht. Je was lief en toegankelijker dan ooit. Je liet
je dankbaarheid ten aanzien van je broer, zus, neven en nichten duidelijk blijken. Maar de precisie bleef. Wie voor jou kemissies deed, kreeg exact de prijzen en de merken van de artikelen mee!  De boekhoudster verloochende zich nooit.
De weg naar je einder viel zwaar, maar het einde zelf behelsde vrede, rust. Geniet daarvan. Jouw markante persoonlijkheid blijft geëtst op de gevoelige plaat van ons hart.

HEER HERINNER U DE NAAM VAN
HUB BERKERS, 90 jaar

Godzijdank konden we de H. Mis van jouw afscheid vieren in onze intieme St. Jozefkerk, die juist mede dankzij jouw daadkrachtige, altijd door technisch vernuft gevoede hulp een echt religieuze ruimte kon worden - een plek waar het altijd onrustige hart van een mens rust kan ontmoeten, waar de zoekende ziel zin mag vinden....
We zijn wat keren naar jouw geboorteplaats en mijn oude stek Tegelen heen en weer gereden om met Harie Trienes z.g. te overleggen over de reliëfs over St. Jozef, het kruisbeeld op het altaar en het Mariabeeld achter in de kerk! En dan het altaar zelf, het fundament van het tabernakel, de ambo, het Maria-altaar....alles onder jouw supervisie vervaardigd door Boy Pieters z.g. En de banken, door jou perfect geplaatst.... Je was in de volste zin van dat woord, kerkmeester over het kerkgebouw. En daarbij een mens uit één stuk, een harde werker, die bij de ENCI behoorlijk opklom maar juist als vakmondsman en OR-lid de voeling met de werkvloer nooit verloor. En als man, vader, opa en vriend het leven op z’n tijd uitbundig wist te vieren. Dankzij je karakteristieke donkere stem klinken je anecdotes in ons na tot op de huidige dag; en wekken zij nog altijd een lach.... Hub: groet Trees van ons. Tot in het Licht dat alles verheldert.
 
 
HEER HERINNER U DE NAAM VAN
CHRIT MULLERS, 77 jaar

Twee eigenschappen waarmerken jouw karakter: je ijver en je trouw.
Wat je beloofde, legde je ten uitvoer. Dat had je moeder je hartgrondig ingeprent. Toen je op prille leeftijd misdienaar werd, kreeg je van haar in je oren geknoopt: ‘Maar dan minstens voor een jaar, hè!’
Het heeft gewerkt. Het zijn bijna zeventig jaren geworden. Je taak groeide: in de breedte (acolyth, lector, koster) maar evenzeer in de diepte. Aan je lezen en aan de voorbeden die je meestentijds zelf samenstelde, kon men horen dat je wist wat je las en wat je bad.
Van je onvermoeibare inzet getuigden je kerststal en de wijze waarop je in de Goede Week de kerk tot driemaal toe van gedaante veranderde. Zoals jij het mysterie van Gods menswording vorm gaf – dat blijft voor altijd gegrift op de gevoelige plaat van onze memorie.
En zo zullen bij velen jouw bisschoppelijke activiteiten rond vijf december een diepe impressie achterlaten, alsook het feit dat het optreden van deze goedheiligman aan de scouting ten goede kwam.
Je zat niet veel thuis. Je floot als scheidsrechter bij de door broeder Egidius opgerichte handbalclub ‘Kollefit’ en je hebt vele jaren met plezier gebiljart.
Trouw was je ook aan de gemeente Maastricht waar je je veertig dienstjaren noest hebt volbracht. En trouw betoonde je aan je ouders die je tot aan hun laatste ademtocht hebt verzorgd.
Je leefde alleen maar niet eenzaam. Dankzij je eigen inzet, die je met velen in contact bracht; en door je positie als oom en oudoom binnen de familie: noonk  Chrit hoorde erbij, zeker bij feesten en jubilea.
Toen je de grens tussen tijd en eeuwigheid overschreed, was er niemand bij. Maar je bent in goede handen gevallen. Gods adelaarsvleugels dragen jou tot in het eeuwig jonge Licht. De ijver voor Gods huis die jou bezielde, bereikt zijn bron.
Chrit, onze dank gaat dieper dan welk woord ook. Denk je, plechtig participerend in de hemelse liturgie, aan ons?
De herinnering aan jouw uitgesproken persoonlijkheid kruidt onze gevoelens van dank en gemis.

Chrit Mullers.jpg
 
HEER HERINNER U DE NAAM VAN
SJAREL FRANSSEN, 86 jaar

Het begon tragisch. Een moeder die het gezin niet aankon. De kinderen uit huis gepaatst. Jij kwam in Nederweert te land. De familie Eggen nam je echt op in hun familiekring: ze beschouwden en behandelden je als een van hen. Zo ontwikkelde zich bij jou het lieve, intrinsiek vriendelijke karakter dat jou je leven lang heeft gewaarmerkt. Door je verkering (en vervolgens huwelijk) met Anna Minses keerde je terug naar Maastricht, waar je
je ontplooide als een flexwerker avant la letttre: de mijn, het leger, wegenbouw, Intergarde - kortom, een man met een groot aanpassingsvermogen. Men kon op jou een beroep doen!
Over je relatie tot Mam z.g., tot ons als kinderen, klein en achterkleinkinderen kunnen we zeggen, alles in één zin samengevat:
Jij hield van ons, en wij hielden van jou.
‘Mooi was de tijd dat jij onder ons mocht zijn’.
Pap, Opa, Over-opa: bedankt! Tot later.
 
BIJ DE BRON
Op Hemelvaartsdag ga jij je Eerste Heilige Communie ontvangen, QUINTYY PALMEN, Kruisboogruwe 16; en dus werd jij op
zondag 31 maart door het doopsel ingelijfd bij de kinderen van het Licht. Zelf zette je je naam onder de doopoorkonde.
Toen je de eerste zalving zou krijgen, gaf je eigenmondig te kennen dat je het kwaad wilde afzweren; en nadat wij jou de handen hadden opgelegd strekte jij op jouw beurt jouw hand uit boven de hoofden van papa Kenneth, mama Marina, peetoom Giovanni en peettante Carmen.
Onder klokgelui stroomde het water van Gods ontferming over jouw hoofd. Eigenhandig ontstak je jouw levenslicht aan het Licht van Christus, waarna
je het op de tonen van het Ave Maria naar Maria droeg. Aan haar voorspraak bevelen wij jou. Inmiddels speldde je peettante jou de Theresia-medaille op: je bent in haar kerk gedoopt en je doet straks in haar kerk de communie. Proficiat, Quinty, met deze eerste grote stap op jouw weg naar het Licht!
 
BIJ DE BRON
Van ver komen je ouders (uit Engeland en van de Filippijnen); van ver kwamen familie en vrienden op zondag 14 april; met buitengewone inspanning van veler kant en ook jouwerzijds ben jij in ons midden gekomen, LIAM WOOD, Zeepziedersdreef 64, en dus waren wij allen op de voornoemde zondag om 12.00 uur vervuld van dankbaarheid toen we jou door het doopsel inlijfden bij de kinderen van het Licht. Je hebt je gelukkig ontwikkeld tot een stevige boy, goedlachs en vol leven: iemand die zijn weg met grote interesse zal gaan. Je zag ons open in de ogen bij alle woorden en gebaren die een mensenkind voorbereiden op het waterbad van het eeuwige leven. We kunnen het Licht niet alleen brandend houden,  en dus gaven wij het schijnsel van jouw doopkaars aan elkaar door – een gebaar dat qua diepgang door weinig andere wordt geëvenaard. Proficiat met dit lichtgevende Begin, Liam, èn proficiat met het warme nest dat jou omgeeft!
 
 
 
BIJ DE BRON
Door de aderen van Papa Joseph stroomt Oostenrijks bloed en het sprak voor hem vanzelf dat jij, CAS ZEGUERS,Valeriushof 69 B, door het doopsel zou worden opgenomen onder de kinderen van het Licht. Op zondag 17 maart was het zover. Omringd door familie en vrienden (niet te vergeten je grote broer!) kwam je onze
St. Jozefkerk binnen die iets van de intimiteit van een grote huiskamer uitstraalt en dus mensen het gevoel geeft dat ze bij God thuiskomen. Je keek ons open in de ogen toen we je allemaal een kruisje gaven om je in het Huis van Licht te verwelkomen. Peetoom Alain en peettante Naomi hielden de doopschaal vast terwijl je broer Sepp daarin het doopwater uitschonk. Vervolgens bedauwde het water van het eeuwige leven jouw keurig gekamde haar, en werd jij kind van de Vader die onze
levens draagt. Terwijl jij je prima hield, gaven we jouw Levenslicht aan elkaar door en droegen jou, door dat Licht omringd, naar Maria waar je peettante jou de St. Jozefmedaille opspeldde.
Proficiat, Cas!
 
BIJ DE BRON
De zon brak door, TIMBER COENEN, Wolkammersdreef 56, toen jij in het dooppakje van je vader onze St. Theresiakerk binnenkwam.
Het was zondag 24 maart en het had zojuist 12.00 uur geslagen. Je straalde van levenslust. Tijdens het evangelie waarin Jezus ons voorhoudt dat we alleen met de ogen van een onbevangen kind het Rijk Gods zullen zien, keek je met nadenkende blik naar Joris en de andere mensen binnen je gezichtsveld.
Het frisse water uit de doopvont deed jou verblikken noch verblozen. Terwijl de klok tot in verre omtrek verkondigde dat jij een kind van het Licht was geworden proefde jij keurend van het zout, het symbool voor een mens die smaak heeft en smaak geeft aan het leven. Je peetoom Jack ontstak jouw doopkaars aan het Licht van Christus en droeg die tot aan Maria’s voet waar je peettante Amanda jou de Theresia-
medaille opspeldde, want St. Theresia is nu ook jouw patrones.
Proficiat, levensblije Timber, met dit begin, en met jouw warme nest!
 
HEER HERINNER U DE NAAM VAN
RAYMOND SCHYNS, 97 jaar

Wijsheid van het hart vond jij destijds bij Iedje; en zij kon met jouw levendigheid, jouw eindeloze benieuwdheid naar mensen en gebeurtenissen goed uit de voeten.
Jij behield, bijna tot aan je uiterste uren, het energische van een kind. Je was een Draufgänger in alle facetten van het leven. ‘Dran wie Blücher!’ citeerde je graag de Kerkradenaar.
Je gaf nooit op. Ik zie je nog staan aan het bed waarop een goede vriendin in coma lag. Ik hoor nog hoe je luid en duidelijk het woord tot haar richtte. Op zo’n moment had je het onbevangene, het recht-voor-z’n-raapse van een kind.
Loslaten (in welk opzicht ook) lag jou verre. Toen je Iedje moest loslaten, huilde je dan ook als een beroofd kind.
Moge je haar hervinden in het eeuwig jonge Licht.
‘Dran wie Blücher!’ Ik vermoed dat men in het Paradijs wel enige reuring kan verwachten.